[p. 110]

4182 (1415a). Aan E. Bouws: Bellevue, 19 december 1932

Bellevue, Maandagavond.

Beste Bouws-Everard,

Ik schreef Menno* om Zijlstra een plannetje voor te leggen betreffende overdrukken uit Forum. Gelijk hiermee zend ik je een boekje, door Faber & Faber uitgegeven,317 om je te laten zien wat ik bedoel.318 Het kost 1 shilling. De ‘Hogarth-Press’ (van Leonard en Virginia Woolf) geeft op een dergelijke manier een serie zg. ‘Letters’ uit,319 in werkelijkheid gewoon artikelen, ook voor 1 shilling. Een andere uitgever, Wishart, geeft The Here and Now Pamphlets,320 meer ‘wetenschappelijk’. Het lijkt mij aardig als Zijlstra van sommige artikelen iets dergelijks uitgaf, en hij zou eraan kunnen verdienen, want als hij ze verkocht voor 90 cts. bv. zou hij er al gauw wat voor terugkrijgen, omdat het drukken hem natuurlijk bijna niets kost. In aanmerking komen vooral langere stukken: bv. mijn twee revolutiestukken bij elkaar, en de groote essays over poëzie van Vestdijk.321 En eventueel weer eens wat van Menno. - (Voor de menschen die tòch geen abonnement nemen!)

Nog iets: zou Zijlstra eventueel niet voelen voor een klein boekje met de beste essays van Bep.322 Bv. twaalf essays, bijna alle over ‘actueele’ onderwerpen. We hebben voor de aardigheid alvast zooiets bijeen gebracht, en op het oogenblik hebben we zes of zeven dingen bij elkaar, nl. 1. Een stuk over de Zauberberg van Mann, getiteld: De Tijd boven den Tooverberg.323 - 2. Een stuk, getiteld: De Ware en de Schijnbare Avonturenroman, bestaande uit het stuk in

[p. 111]
Balans over A High Wind inJamaica,324 en een voortreffelijke bespreking, als contrast daarvan, van Cendrars' Le Plan de l'Aiguille.325 - 3. De Moderne Vrouw bij Verleidings- en Kookkunst: a/ over Emily Hahn326; b/ over Margaret Kornitzer.327 4. De Eéne Stap tusschen Scherts en Didactiek (of zooiets: de juiste titel is anders); een groot artikel, bijeengebracht uit alles wat zij over Huxley schreef328 - dit is een van de beste geworden. Alle herhalingen zijn nauwkeurig geschrapt; en alles loopt prachtig in elkaar over, alsof het uit één inspiratie geschreven was. - 5. Het stuk over Schnitzler,329 dat ‘verrijkt’ zal worden, op mijn speciaal verzoek, met een ‘onuitgegeven beschouwing’ over Reigen. - 6. Het stuk over Virginia Woolf, dat nog een paar alinea's erbij krijgt over V.W. als essayiste (Bep schreef daarover nu net in de N.R.C., naar aanl. van The Common Reader,330 en ofschoon dat stuk te lang is, zijn sommige opmerkingen eruit heel goed te trekken bij het Forum-artikel). - Ze gaat nu (wschl. voor De Gids) schrijven over de brieven van Lawrence331; voor
[p. 112]
Forum doe ik het332; en daarna over Belle van Zuylen,333 wat haar reusachtig goed moet liggen. Het gaat erop lijken of ik reclame maak voor mijn gade, maar tusschen jou en mij is dat gelukkig onzin, aangezien jij haar waardeerde en las, lang vóór mij. Wat denk je hiervan? Ik zou ook wel bij Van Kampen kunnen probeeren, later; maar Nijgh & Van Ditmar is misschien beter? Voordat er twaalf essays bijeen zijn, wil Bep er niet over denken om ze uit te geven, maar die zijn er nog wel eens, en zelfs binnen afzienbaren tijd. Na Lawrence en Belle zijn er al negen!

Als Zijlstra die andere serie (overdrukjes) aan wil, laat hem dan het Engelsche boekje zien; het omslag moet ook zóó zijn, met een kort praatje aan den binnenkant, en een lijstje achterin van de andere brochures. - Mijn stukken over de revolutie zouden erg goed verkocht kunnen worden, in dezen tijd!

Nog iets: ik las mijn stuk over Lawrence in vertaling voor aan Buckland Wright, die zich zeer voor Lawrence interesseert (zoowel hij als zijn vrouw: they are very cultivated people!) en zij waren beiden enthousiast, vonden het verreweg het beste stuk dat zij ooit over Lady Chatterley en Lawrence zagen, enz. Zij stelden mij voor het te vertalen, maar ik kan dat slecht en heb er geen tijd voor. Wil jij het niet doen? B.W. kan het dan the finishing touch geven en aan die serie van Faber & Faber aanbieden als ‘a foreigner's look on Lady Chatterley’ of zoo. Er is véél kans dat ze het nemen. Het honorarium deelen wij dan. Maar dan moet je het zoo gauw mogelijk doen. En er een praatje bij maken, in den trant van: ‘Mr. E.du Perron is one of the leading Dutch critics of this time and editor of the etc. etc. review Forum’. Jou wel toevertrouwd! Antwoord eens op dit alles. Hartelijke groeten van je

E.

P.S. - Bep zegt dat je er voorloopig toch maar niet over spreken moet.* Zij weet nog altijd niet of zij wel voelt voor zoo'n uitgave (op het oogenblik geen bal, naar het schijnt.) Enfin, als de 12 volledig zijn, komt ook de lust misschien.

Verder zegt zij terecht dat als jij mijn Lawrence-artikel vertaalt, het toch werken met z'n drieën wordt, omdat jij hier niet bij de

[p. 113]
hand bent en B. Wright de boel dus toch met ons samen moet contrôleeren. In deze omstandigheden wil zij probeeren het stuk zelf te vertalen. Wat een toegewijde en zichzelf wegcijferende sposa heb ik toch!

En o ja, àls ze die essays nog eens uitgeeft, zegt ze, zou het moeten zijn om er voor onze armoê wat geld mee in huis te brengen, dan heeft ze het gevoel dat er een soort noodzaak voor was! Vreemde conceptie, maar ‘wat wilt gij’? Ik denk dat ze er best nog wat mee zou kunnen verdienen - jij? Is het per se noodig dat zulke boekjes in Holland niet gaan? Als Zijlstra het aardig uitgaf: in het formaat en de letter van Adelaïde bv., maar op beter papier, bv. dat van Dé-masqué, zou het een aantrekkelijk boekje kunnen worden, dat toch wel koopers vinden zou. Maar laat jij eens uitvoerig je licht schijnen over deze aangelegenheid.

Zou je mijn tirade over het contact tusschen tijdschrift en publiek heusch niet in je lezing lasschen? Je zou het natuurlijk op waardige wijze moeten commenteeren, maar toch weer zeggen dat er een kern - je weet wel, die fameuze ‘kern’? - van waarheid in zit. Dat maakt een goede indruk; als van iemand met satyrieke neigingen, maar die hij altijd door zijn gentlemanlike-heid weer terugdringt.

Nu, ditmaal echt Schlusz!

Je E.

P.P.S. - Bep laat je nog zeggen dat ze blij is, dat ze bijtijds voor Filmliga bedankt heeft.334

*Hoogstwschl. overdrukken uit Criterion, dat ook door F. & F. uitgegeven wordt.
317Brief 1414 (283) van 17 december 1932 (Bw TB-DP 1, p. 396-397).
318Faber & Faber gaf tussen 1929 en 1936 in de serie ‘Criterion miscellany’ 43 deeltjes uit.
319‘The Hogarth letters’; vgl. Bw TB-DP 1, p. 528-529.
320In 1932 werden door Wishart and Co. twee deeltjes in de serie ‘The here & now pamphlets’ uitgegeven.
321‘Over de dichteres Emily Dickinson’ en ‘Valéry en het duistere vers’ in Forum 2 (1933), resp. 5 (mei), p. 346-366 en 6 (juni), p. 432-452, en 11 (november), p. 761-779.
322Niet gerealiseerd.
323Mogelijk een bespreking van De too verberg, geautoriseerde vertaling door C.J.E. Dinaux, Amsterdam 1927, 2 delen; stuk niet achterhaald.
324‘Een werkelijke avonturenroman’ in Balans, Algemeen jaarboek der Nederlandsche kunsten, 1930-31, p. 75-78, over Richard Hughes, A high wind in Jamaica, Londen 1929.
325In de rubriek Fransche letteren van de NRC van 25 juni 1929 (av.) een bespreking door R. van Blaise Cendrars, Le plan d'aiguille, Parijs 1929.
326Emily Hahn (geb. 1905), Seductio ad absurdum, the principles and practice of seduction, a beginner's handbook, New York 1930, besproken door E. de R. in de rubriek Amerikaansche letteren van de NRC van 23 mei 1931 (av.).
327Margaret Kornitzer (geb. 1905), The modern woman and herself, Londen 1932, besproken door Elisabeth de Roos in de rubriek Feuilleton in de NRC van zo november 1932 (ocht.).
328Drie artikelen achterhaald: een deel van het opstel ‘Engelsch essayisme’, getiteld ‘Bij een toevallig citaat van Huxley’ in Forum 1 (1932) 1 (januari), p. 61-64; een bespreking van Aldous Huxley, Vulgarity in literature, Londen 1930, in De stem 12 (1932) 2 (februari), p. 250-252; en een bespreking van Aldous Huxley, Texts and pretexts, Londen 1932, in de rubriek Engelsche letteren in de NRC van 21 december 1932 (av.).
329‘Terugblik op Schnitzler’ in Forum 1 (1932) 6 (juni), p. 337-348.
330‘De manier voor goede verstaanders’ in Forum 2 (1933) 1 (januari), p. 39-49, en een bespreking van Virginia Woolf, The common reader, second series, Londen 1932, in de NRC van 30 december 1932 (av.); in de rubriek Engelsche boeken van De groene Amsterdammer van 28 juni 1930, p. 6, had zij een bespreking van Virginia Woolf, A room of one's own, Londen 1929, gegeven.
331‘D.H. Lawrence: de briefschrijver na de romancier’ in De gids 97 (1933) 6 (juni), p. 379-388, over The letters of D.H. Lawrence, bezorgd door Aldous Huxley, Londen 1932.
332Artikel van DP over The letters of D.H. Lawrence niet gerealiseerd.
333Vermoedelijk niet gerealiseerd.
*Over die essays van haar - over de rest natuurlijk wel!
334Elisabeth de Roos werkte vanaf 1927 mee aan Filmliga; evenals Ter Braak had zij in april 1932 het blad verlaten.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie