4227 (2336b). Aan J.A. Antonini: Le Roselier-en-Plérin, 15 december 1934

Bretagne, 15 Dec. 's midd.

Beste Gino,

Dank voor je schrijven. Over boeken - dus over Chardonne481, - mogen we niet schrijven, omdat dat het terrein van Jan Gr. is.* Over de ‘actualiteit van Richelieu’ is best; welke actualiteit is dat?483 Zooveel mogelijk moet alles tot een parijsch evenement(je) opgeblazen worden!

Ik heb gisteren weer hard gewerkt, met het gevolg dat 's nachts mijn hart weer protest aanteekende. Dit is wel vervelend. Ik troost me ermee dat je zooiets ook compleet weer kwijt kan, - volgens menschen die er soms jaren aan gesukkeld hebben. Het is een rare spier; even raar en minder uitsluitend geschikt voor plezier - véél minder! - dan die andere die door sommigen zoo ‘raar’ gevonden wordt.

Op dit 3erangs-mopje eindig ik voor vandaag. Bep laat je zeggen dat je gerust kunt insturen zooveel als je wilt, maar dat het voor haar niet hoeft; voor haar zijn die 2 stukken voldoende. Bewijs-exx. zal ik je sturen; je kunt ook Menno een briefk. schrijven dat hij ze jou direct zendt, dan heb je ze eerder.

Hartelijke groeten, ook aan Maria, van ons beiden, een hand van je

E.

[p. 158]

Noth484 kan alles zelf met Menno behandelen wat hij wenscht, dus ook zijn 2e roman. Menno schreef mij dat hij hem uit zijn brieven al heel wat aardiger vond dan ‘Klaüseli’485, wat ik met kracht heb bevestigd.

481Jacques Chardonne (ps. van Jacques Boutelleau, 1884-1968), auteur van de trilogie Les destinées sentimentales (1934-1936).
*Behalve over de ‘Goncourt’482, die als gebeurtenis beschouwd wordt.
482‘De Goncourtprijs 1934, Roger Vercel, zijn persoonlijkheid en werk’ door Antonini in Het vaderland van 15 december 1934 (av.).
483Kardinaal Richelicu (1585-1642) had in 1634 de Académie française opgericht. Antonini schreef hier niet over.
484Ernst Erich Noth (ps. van Paul Krantz, geb. 1909) was in 1929 in Berlijn van moord beschuldigd, maar na een proces vrijgesproken. Hij vluchtte uit Nazi-Duitsland, publiceerde in 1934 La tragédie de la jeunesse allemande. DP had hem op 6 november 1934 ontmoet, zie Bw TB-DP 3, p. 61 en Brieven V, p. 145. Op 30 november had DP Noth opnieuw gesproken en Ter Braak geschreven, dat Elisabeth de Roos zijn eerste roman wilde vertalen. Zijn tweede roman Die Mietskaserne kwam in 1935 in Franse vertaling uit; Ter Braaks opinie in Bw TB-DP 3, p. 95-96.
485Klaus Mann.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie