E. du Perron
aan
H. Marsman

Bellevue, 5 februari 1933

Bellevue, 5 Febr.

 

Beste Henny,

Ik maak gebruik van een Zondag om je te antwoorden. Eerst het practische: natuurlijk, als De Gids mij als ‘secretaris’ wil, en het baantje betaalt, zou ik niet neen zeggen - maar ik vrees dat er niet de minste kans op is, ook al zou Jany het op haren en snaren zetten. - Verder spreek ik je maar niet over al deze rottigheid; ik ben blij dat ik er even uit ben.

Vanmorgen verzond ik de laatste proeven van Tegenonderzoek. De noot over je Büchner2532 is aangebracht. Je nawoord lijkt mij bij iedere lezing vriendelijker. Ik schrapte bij jou de Kokadorus-grap, die ik met zooveel meer zin in het slot van Coster heb toegepast.2533 Die Uren moeten nu ook uit zijn, al zag ik zelf maar één ex. Tenminste... Ik stuur je natuurlijk een ex. Zou je (gegeven het lawaai dat er natuurlijk over op zal gaan) een behoorlijk stuk erover willen schrijven, in De Nwe Eeuw bv.? met al je vooren-en-tegens?

Ik keek verder mijn volgende bundel essays2534 in, die eigenlijk al compleet is. Maar om hem goed dik te hebben, kunnen er nog wel een 50 of 60 blzn. bij. Hij zal niet meer zijn als de vorige ‘cahiers’; hij is nog even ‘persoonlijk’ maar ook meer ‘publiek’, alles welbeschouwd; daardoor ook meer ‘essayistisch’ en misschien interessan-ter voor den gewonen lezer. De vraag is nu maar waar ik het uitgegeven krijg? Niet bij Stols. En jouw X-stralen,2535 of hoe die bundel heeten mag? Willen we probeeren onze verdere essays (jij, Menno, ik) bij één uitgever gepubliceerd te krijgen? of juist niet? dwz. blijft Menno dan maar bij Zijlstra, jij bij Querido, ik bij Van Kampen, ook voor dit soort werk? Ik wou dat je er iets op vond, een soort Nypels of zoo, die voor een serie voelde. - En wat denk je ervan, als ik deze bundel nu wel aan jou opdroeg? Of wil je per se iets ‘creatiefs’? Ben je niet bang, dat ik sta aan den vooravond van mijn verdrinken (in de journalistiek of God weet wat anders)?

Hier is de inhoud; er zijn geen cahiers meer, alleen maar hoofdstukken.

1. Brieven van een Zwaarmoedig Auteur. 2. Koek, Zand en Grint (over de film). 3. D.H. Lawrence en de Erotiek (met het stukje over St-Mawr als staart). 4. Eight and Four Ounces (polemieken, verhaaltjes enz. uit Panopticum; de titel slaat op bokshandschoenen: 8 ons is voor ‘the friendly game’, 4 ons voor de match). 5. Vervolg (het hfdst. was te lang voor één nr., het gaat van Nov. '31 tot Nov. '32). 6. Anthonie Donker als autoriteit. 7. Over poëzie, bij een bloemlezing door Huxley (met een staartje over Poe als verhalenschrijver). 8. Dialoog over het Detective-verhaal (uit Groot-Nederland, ken je dat? als het je interesseert, stuur ik het je). 9. Flirt met de Revolutie (uit de laatste Forum). 10. De Smalle Mens (het vervolg daarop; toch ànders; volgens mij veel beter!) 11. Een Hollander dicht een Spaanse Ballade (over Buning). Daarop volgen dan nog: wschl. besprekingen van De Tuin van Eros; van Van Collem; nog een groot stuk over Lawrence, vnl. als briefschrijver, en misschien ook als dichter; een brief over tooneelisten, enz. - Het lijkt mij ‘veelzijdiger’ dan het oudere werk; toch zal ik den bundel in zijn geheel ook De Smalle Mensch noemen, denk ik. Of weet jij wat beters?

Je stuk over Last2536 - maar vooral over De Kring - was verrukke-lijk! Schrijf er zoo nog een paar voor ons. Ik zwijg in Panopticum, ik word er te veel gepest. - Dank verder voor het Duitsche boek,2537 door Rien aan Bep gezonden; wat is de bedoeling? Gauw uitlezen? We hebben haast geen tijd!

Goede bloemlezingen van Casanova ken ik niet; wel heele bête en beroerde: ‘les plus jolis amours’ of zoo. Er is een goede vertaling in één omnibus-vol. van Arthur Machen. Koop anders een 1e deel Fr. uitgave en kijk voor jezelf. - Het begin van mijn stukje over het proza heb je nu al. Schrijf gauw terug.

Hartelijke groeten van de twee voor de twee; de hand van je E.

2532Tegenonderzoek, p. 118: ‘Zie nu: Voor kleine parochie, cah. II, hfdst. 5. Ik heb in een voetnoot van dit stuk een fout gemaakt, die ik in deze noot wil herstellen: Marsman's opstel over Büchner nl. is een der eerste waarin de eigen toon door invloeden heenbreekt; dit in tegenstelling met mijn bewering aldaar.’
2533Het slot van Uren met Dirk Coster (Vw 2, p. 387) luidt:‘Of liever, op dit punt gekomen vraag ik nog slechts om de argumenten die men gebruiken zou in een streek, waar Kokadorus vereerd zou worden als een filosoof.’ Kokadorus was de bijnaam van de Amsterdamse marktkoopman B. Meyer Linnewiel (1871-1934) die zijn surrogaat-waren voor echt verkocht.
2534De smalle mens.
2535Een bundel kritisch werk onder deze titel werd door Marsman niet uitgegeven; wel bevinden zich in het Marsman-archief van de KB te Den Haag een aantal knipsels van Marsmans recensies, door DP van de aantekening ‘X-straal’ voorzien.
2536Marsmans panopticumstuk ‘Moscou gaat droomen’. In Forum 2 (1933) 2 (februari), p. 157-159, n.a.v. causerieën van Jef Last en Sam Goudsmit voor de Amsterdamse kunstenaarssociëteit De Kring, beiden medewerkers aan Links richten. In het stuk werd over de leden van De Kring gesproken als ‘de imbecielen van het Gartmanplantsoen’.
2537Joseph Roth, Radetzkymarsch. Berlijn 1932.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie