E. du Perron
aan
J. Greshoff

Bellevue, 6 april 1933

Bellevue, Donderdag.

 

Beste Jan, Het wordt een heel gedoe met dat MS. Gisteravond schreef ik het Teresa-tussenstuk. Ik had op 4 blzn. gerekend, maar het werden er gemakkelik 12. Vandaar eenige rarigheid in de pagineering. Maar het 2e stuk van Godius komt er pal tegenaan. Let eens op of het niet hier en daar ‘dubbel’ wordt! - Die pedigree2640 zal ik bekorten; kan je als het getypt is aangeven waar je dat het meest gewenscht lijkt? - Hier, met Teresa, staat misschien ook te veel. Enfin, je hebt nu gisteren 38 blzn. gekregen en vandaag gaan er 34; je kunt niet klagen dat ik niet werk. Hierna zal je toch wel wat moeten wachten, wat er dan komt is: a/ Eveline b/ een korte notitie over het heden (zaken of zoo?) c/ Groote herinnering aan kindertijd Meester-Cornelis. Zeker wel goed 35 blzn., als ik ermee klaar ben. Maar dat moet allemaal nog worden geschreven. Ad 5 blzn. per dag (gemiddeld) maakt dat een week.

Hart. groeten, ook voor Aty, en het beste!

je E.

 

Wat is Groot-Nederland toch een rotblad! En wat is die Van Eckeren toch schreeuwend stom!2641

2640In hoofdstuk 3, ‘Familie-album’, van Het land van herkomst (Vw 3, p. 33-40).
2641Naast verzen van DP bevatte het aprilnummer van GN 31 (1933) behalve de gebruikelijke boek besprekingen bijdragen van Aart van der Leeuw, Nico van Suchtelen, Taï Aagen-Moro, A. Koeprin, Gerard van Eckeren (‘De kronieken der Forsytes’, p. 338-355) en Dr. F.H. Fischer.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie