E. du Perron
aan
J. van Nijlen:4790 Tjitjoeroeg, 30 juli 1937

Beste Jan,

Ken je dit gedicht? Het is te lang, en natuurlijk te rhetorisch, maar heeft hier en daar een klank die toch wel mooi en zuiver is, en die dan een beetje aan jou doet denken, vonden Bep en ik. Wees niet beleedigd door de vergelijking, en zie of je iets van dit poëem genieten kunt. Wschl. ken je het trouwens allang. Dit in haast. Later meer. Hartelijk je

E.

 

Tjitjoeroeg, 30 Juli 1937.

4790Tekst geschreven op een getypte kopie van het 27 strofen tellende gedicht Het menschlijk leeven van W. van Haren (Amsterdam 1760).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie